In-4°, [26] ff, 772, 136 pp. Uitv. gegrav. titelblad,""I. Cats Prouf-steen van den Trou-ringh"" gedateerd 1636. Met drukkersmerk op titelpagina, fraai portret van ""Anna Maria van Schurman"" met Domtoren van Utrecht in de achtergrond (168 x 120 mm). Aparte gegraveerde titel voor het tweede deel (Virgo Dordracena) en het derde deel. Ontbreekt het portret van J. Cats. Met 51 gravures op halve pagina door C. van Queborn naar A. van der Venne. Enkele roestvlekken. Mooie slotvignetten in houtsnede Het vierde deel is: Lof-sangh op het geestelick Houwelick van Godes Soon. (Onbreken 4 inl. bladen) Gebonden in vol perkament uit de tijd, met opstaande randen, vlekken, titel in inkt op de rug
Eerste editie. Ref. Mus. Catsianum p.5-6. Anna Maria van Schurman toonde als kind al een veelzijdige artistieke aanleg; zij had thuis een konst-kamer ingericht. Ook bleek zij een buitengewone aanleg te bezitten voor vreemde talen: zij legde zich o.a. toe op het Chaldeeuws, Syrisch, Arabisch en het Ethiopisch. Op 16-jarige leeftijd correspondeerde zij al met Jacob Cats. Cats heeft haar lof gezongen in zijn Trou-ringh (1637). Zo verwierf zij zich een plaats in de literaire en geleerde kringen van de Republiek. Er werd gespeculeerd dat Cats haar ten huwelijk zou hebben gevraagd. Ze is echter nooit gehuwd. Ref.: De Nederlandse en Vlaamse auteurs (1985) ; 1001 Vrouwen uit de Nederlandsche Geschiedenis, nr 246